Silke Rissewijck is projectleider bij Sensire. Ze vertelt over omdraaien, ongemak en het mooiste experiment uit haar loopbaan.
“Het begon met een lege plek. Geen mensen, geen regels, alleen een idee: wat als we zorg niet meer organiseren voor mensen, maar met mensen? Wat als wonen met zorg meer lijkt op een gemeenschap, dan op een instelling?” Silke Rissewijck blikt terug op de start van ‘Anders Wonen’. Een proeftuin waar bewoners zelf mogen bepalen hoe ze willen leven – en sterven. “Het was pionieren met een hoofdletter P. En eerlijk? Ik vond het verschrikkelijk spannend. Maar ook machtig mooi. In die eerste maanden was er chaos. Ongemak. Mensen vertrokken. Dan zeiden collega’s tegen me: het gaat niet goed hè? Maar ik dacht: juist wel. Als mensen zeggen dat het niet bij hen past, dan wéten ze wat ze willen. Dat is winst. Op dit moment wonen er 18 mensen en er is ruimte voor 24. Het is een mix van mensen, mensen die er wonen met verschillende soorten hulpvragen (zowel op cognitief als lichamelijk gebied) en mensen die er werken (zowel met als zonder zorgachtergrond). Wat echt anders is, is het feit dat de bewoners en hun naasten samen bepalen hoe ze het een en ander willen organiseren en dan daar waar nodig de hulp van professionals inroepen.”
Pilot zonder kaders
“Ik ben begonnen in de gehandicaptenzorg, later de ouderenzorg. Maar ik was snel uitgekeken op dingen, zocht naar iets anders. Ik wilde graag nieuwe dingen doen. En ik geef toe dat het woordje ‘anders’ me altijd heeft getriggerd. Niet beter, niet slechter – gewoon: anders. Je moet je denk ik altijd afvragen: klopt dit nog wel?”
Silke noemt zichzelf niet graag een pionier, maar als iemand haar ‘aan’ weet te zetten, dan gáát ze. Zoals toen in 2022 dat vage voorstel op haar pad kwam. “Het was een pilot. Zonder kaders. En het was zo vaag dat ik een jaar lang nee heb gezegd. Tot ik het toch niet kon laten. Er was veel belangstelling uit allerlei hoeken. Ook het ministerie was geïnteresseerd en enthousiast over wat ze zagen. Maar ondertussen hadden we nog steeds “3*** hotels” om ons heen terwijl we hier moeite moesten doen om het vol te krijgen. Nu is het al een stuk makkelijker. Nieuwe bewoners worden rondgeleid door mensen die er al wonen. Dat werkt.”
Met de beste bedoelingen
“De zorg is een onhoudbaar systeem,” zegt Silke zonder omwegen. “Niet alleen omdat we te weinig mensen hebben, maar omdat we ons moeten afvragen: doen we nog wel zinvolle dingen?” Ze ziet hoe de beste bedoelingen zijn uitgegroeid tot een systeem waarin mensen worden ingepast, in plaats van andersom. “We bouwden verpleeghuizen omdat dat toen mogelijk was. Maar hebben we ons ooit écht afgevraagd of mensen hier gelukkig van worden?” Ze wil af van het idee dat er altijd één goed antwoord is. “Soms moet je gewoon zeggen: ‘Oh, daar hebben we te makkelijk of juist te moeilijk over gedacht’. En dan bijsturen. Samen.”
Wat als iemand zelf wil beslissen wanneer het klaar is?
In de proeftuin wonen mensen die – soms letterlijk – hun laatste levensfase vormgeven. Niet geleid door protocollen, maar door hun eigen keuzes. Dat wil zeggen dat richtlijnen en protocollen soms plaats moeten maken voor de mens en zijn of haar kwaliteit van leven. Soms betekent dit dat iemand andere afwegingen maakt en beslissingen neemt. Dat die afwijken van de keuzes die wij als professionals wellicht zouden maken. Die ruimte moet er zijn. Neem iemand die een dieet of voeding weigert en daardoor sterk vermagerd aan zijn laatste levensfase begint. En dat ook helemaal oké vindt. Zoiets is niet altijd makkelijk te accepteren voor (huis)artsen, naasten of medebewoners. Maar waarom zouden wij voor iemand anders bepalen wat ‘goed’ is? Als diegene thuis zou wonen, zouden we ons daar ook niet in mengen.”
Als het niet schuurt, verschuift er niks
Veranderen is niet zonder weerstand. Soms voelt het alsof je in je eentje tegen de stroom in zwemt, oppert Silke. “Er wordt zoveel geoordeeld. Over plekken waar we iets anders proberen. Over collega’s die daar werken. Dat we het niet goed doen. Terwijl iedereen gewoon hard werkt. Met het idee dat je doet wat goed is voor de mensen.” Wat haar helpt om hiermee om te gaan? “Verbinding. Andere mensen vinden die ook durven te twijfelen. Ik heb het nodig om te voelen: ‘Je bent niet gek. Je hoeft het niet alleen te doen’. Dialoog is daarbij heel belangrijk. “Je ideeën een plek geven, samen leren, bijsturen als het nodig is.” Silke weet: als je iets wilt veranderen, moet je niet alleen buiten de lijntjes kleuren, maar ook binnen het systeem blijven tekenen. “Ik blijf bewust binnen Sensire. Juist daar kan ik iets betekenen. Je hoeft niet per se buiten het systeem te staan om kritisch te zijn. Soms is het krachtiger om van binnenuit te laten zien: Hé, het kan ook anders. Dat is niet altijd comfortabel. Er zit vaak ongemak in. Je moet praten over dingen die nog geen naam hebben. En soms denken mensen dan dat je hun werk afkeurt. Maar het gaat niet over de mensen – het gaat over de manier waarop we dingen doen. Over anders kijken. En ja, dat schuurt soms. Maar als het niet schuurt, verschuift er niks.”
Kleine vonkjes in plaats van grootse plannen
Silke werkt inmiddels aan de opschaling van de inzichten uit de proeftuinen. Hoe vertaal je een radicaal ander model naar bestaande plekken? “Het is niet makkelijker of moeilijker, gewoon anders. Het vraagt lef én realisme.” Community care is geen buzzword meer, maar een serieuze richting. “Tien jaar geleden hadden we het voor het eerst over ‘participatie’. Nu snappen we steeds beter wat dat betekent. Dat het eigenlijk andersom werkt: het zijn niet de naasten die participeren, maar wij. Zij zijn juist degenen die aan zet zijn. En wij ondersteunen waar het wenselijk en nodig is. Daarom heb ik ook een allergie ontwikkeld voor het woord participatie. Maar zo’n proces duurt gewoon lang. En dat is oké. Het hoeft voor Silke niet allemaal groots en meeslepend. Juist de kleine bewegingen maken verschil. “Je hoeft geen compleet nieuw gebouw neer te zetten. Soms is het genoeg om een tafel anders in te richten. Of een vraag anders te stellen. Waarom doen we dit eigenlijk zo? Wie wordt hier echt beter van?” Silke gelooft in de kracht van herhaling. Van rituelen. “Als je doorgaat met vragen en delen, dan blijft het vlammetje branden. En wordt het uiteindelijk vanzelf een vuurtje.


